Franciscus Johannes (Frans) Thijssen (1952)

Franciscus Johannes (Frans) Thijssen (23 januari 1952) leerde het kappen en draaien van Wiel Coerver en groeide uit tot een waar fenomeen in Ipswich en schopte het tot voetballer van het jaar in Engeland.

Frans Thijssen begon zijn voetballoopbaan bij de amateurclub SV Juliana ’31. In 1969 werd hij ingelijfd door het Nijmeegse N.E.C., met trainer Jan Remmers. Hij debuteerde op 10 januari 1971 in een uitwedstrijd tegen Ajax. Vanaf seizoen 1971/72 was Wiel Coerver de coach in Nijmegen. Onder hem kreeg Thijssen een vaste basisplaats. In seizoen 1972/73 reikte hij met N.E.C. tot de finale van de KNVB beker, waarin de ploeg verloor van NAC.

In 1973 verkaste hij voor 250.000 gulden naar FC Twente, waarmee hij in 1974 tweede werd in de Eredivisie en in 1975 de finale van de UEFA Cup speelde. In 1977 won Thijssen met Twente de KNVB beker. In januari 1979 werd hij ingelijfd door het Engelse Ipswich Town, waar hij zijn grootste successen vierde. In 1981 werd Thijssen als eerste niet-Britse speler gekozen tot Engels Voetballer van het Jaar. De ploeg onder leiding van Bobby Robson en samen met landgenoot Arnold Mühren leerde hij Ipswich voetballen en sleepte met verzorgd en technisch voetbal in datzelfde jaar de UEFA Cup binnen. In de finale over twee wedstrijden werd AZ ’67 verslagen.

In maart 1983 volgde een transfer naar Vancouver Whitecaps. Door deze ploeg werd hij tussen 1 oktober 1983 en 1 mei 1984 uitgeleend aan Nottingham Forest FC. Tussen mei en oktober 1984 kwam Thijssen opnieuw uit voor Vancouver Whitecaps. Zijn loopbaan leek op dat moment op retour, maar Thijssen keerde terug naar Nederland waar hij nog zeven seizoenen speelde voor achtereenvolgens Fortuna Sittard, FC Groningen en Vitesse. In 1989 werd hij uitgeroepen tot speler van het jaar in de Nederlandse Eerste divisie. In 1991 beëindigde hij op 39-jarige leeftijd zijn loopbaan. In zijn laatste seizoen reikte hij met Vitesse nog tot de derde ronde in de UEFA Cup.

Thijssen speelde veertien keer in het Nederlands Elftal. Onder leiding van bondscoach George Knobel maakte hij zijn debuut op 30 april 1975 in de vriendschappelijke wedstrijd tegen België in Antwerpen, net als Adrie van Kraaij (PSV), Jan Everse (Feyenoord), Peter Arntz (Go Ahead Eagles), Johan Zuidema (FC Twente), Kees Kist (AZ’67) en Bobby Vosmaer (AZ’67). België won het oefenduel in het Bosuilstadion met 1-0 door een doelpunt in de 78ste minuut van Raoul Lambert. In 1980 zat Thijssen bij de selectie voor het Europees kampioenschap. Thijssen scoorde drie keer in Oranje, in 1975 tegen Polen, in 1979 tegen Oost-Duitsland en in 1981 tegen Ierland.

Thijssen werd vervolgens trainer en was in dienst van Vitesse, Malmö FF en De Graafschap. Bij De Graafschap duurde het dienstverband slechts enkele competitiewedstrijden en stapte Thijssen in augustus 1999 na een conflict met assistent-coach Massimo Morales op. In november 2000 trad hij in dienst van Fortuna Sittard, waarmee hij zich wist te handhaven in de eredivisie. Desondanks vertrok Thijssen bij de club. In augustus 2002 werd hij voor een jaar als jeugdtrainer van Al-Wahda uit de Verenigde Arabische Emiraten aangesteld, later werkte hij in dezelfde functie voor Al-Wakrah en Qatar SC in Qatar. In mei 2009 keerde hij terug als werkloos coach terug in Nederland.

In het voetbalseizoen 2010/11 werd Thijssen de assistent-trainer van in eerste instantie René Hake en vanaf oktober 2010 Jos Daerden bij het beloftenteam van FC Twente.

(Foto ANP: Paul Vreeker)

Eén gedachte over “Franciscus Johannes (Frans) Thijssen (1952)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *