Rüdiger ‘Abi’ Abramczik (1956)

Rüdiger ‘Abi’ Abramczik (18 februari 1956) was rechtsbuiten van onder andere Schalke ’04 en Borussia Dortmund. Werd vanwege zijn messcherpe voorzetten ook wel ‘der Flankengott aus dem Kohlenpott’ genoemd.

Abramczik is tien jaar jong als hij ontdekt wordt door FC Schalke 04 en de overstap maakt van SV Erle ’08 naar die Königsblauen. Hij doorloopt er de jeugdopleiding en zeven jaar later, op 11 augustus 1973, maakt hij zijn debuut tijdens de uitwedstrijd tegen VFB Stuttgart. Abramczik is met zijn 17 jaar op dat moment de jongste speler ooit in de 1e Bundesliga.

Bij Schalke 04 treedt Abramczik ‘ohne dicke Socken zu brauchen’, zoals de Duitsers zeggen, in de voetsporen van de legendarische rechtsbuiten Reinhold ‘Stan’ Libuda. Een dikke maand voor zijn 18e verjaardag maakt Abi zijn eerste doelpunt op het hoogste niveau. In de jaren die volgen, ontpopt hij zich als een vleugelspeler der Extraklasse en is, meestal vanaf zijn geliefde rechterkant, de vaste aangever van doelpuntenmachine Klaus Fischer.

Als Abi 23 is, maakt hij zijn opwachting in de Duitse Nationale ploeg. In 1977 tijdens de wedstrijd Duitsland-Zwitserland levert hij de droomvoorzet af waarmee Klaus Fischer met een Fallrückzieher het Duitse doelpunt van de eeuw maakt (zie tweede filmpje onderaan dit artikel). Vanaf dat moment gaat Abramczik door het leven als ‘der Flankengott aus dem Kohlenpott’. Critici voorspellen een langdurige interlandcarrière, echter zover komt het niet. Na afloop van een teleurstellende interland op Malta krijgt hij het aan de stok met Herman Neuberger, de machtige voorzitter van de Duitse voetbalbond. Abi gaat te ver – een ‘jeugdzonde’ noemde hij zijn uitbarsting later – en vanaf dat moment is zijn carrière bij de Duitse ploeg voorbij. Neuberger beveelt Bundestrainer Jupp Derwall om Abramczik niet meer te selecteren.

In 1980 volgt een opmerkelijke overstap in zijn loopbaan. Schalke verkeert in geldnood en ziet geen andere mogelijkheid om zijn talentvolle nummer 7 te verkopen. Uitgerekend aartsrivaal Borussia Dortmund meldt zich en het ‘Kind von Gelsenkirchen’ wisselt voor 1,1 miljoen D-Mark naar de geel/zwarte formatie. Schalke degradeert en Abramczik krijg in Dortmund gezelschap van ex ploeggenoten Rolf Rüssmann en Jürgen Sobieray. Met Manfred Burgsmüller vormt hij vervolgens één van de gevaarlijkste spitsenduo’s ooit.

De meest absurde dag uit zijn loopbaan beleeft hij tijdens zijn derde seizoen bij de Borussen. Schalke speelt weer Bundesliga en neemt het in Gelsenkirchen op tegen de BVB. De ploeg uit Dortmund wint met 1-2 en Abramczik scoort beide goals. “Ik deed slechts mijn werk”, zegt hij later, “maar ik had liever gehad dat iemand anders had gescoord. Het voelt vreemd om mijn eigen club af te schieten.” ’s Avonds op bezoek bij zijn ouders vragen die hem ‘of hij er niet eentje naast had kunnen schieten’.

Na uitstapjes bij 1. FC Nürnberg, dat desastreus verloopt, Galatasaray en Rot-Weiß Oberhausen, keert Abi in 1987 terug bij die Königsblauen. Een succes wordt het niet. Hij speelt nog vier wedstrijden als libero! en besluit zijn profcarrière te beëindigen. Via Wormatia Worms en SV Gütersloh sluit hij zijn actieve loopbaan af.

Hoewel door zaken financieel onafhankelijk geworden, hij heeft circa dertig huizen in Gelsenkirchen en is – samen met Manfred Burgsmüller en trainer Peter Neururer – eigenaar van een reisbureau, keert Abramczik terug in de voetballerij, nu als trainer. Hij viert successen met Levski Sofia, het Oostenrijkse FC Kärnten en wordt in 2009 kampioen in Letland met Metallurg Lipetsk. In 2012 is Abramczik nog een paar maanden als adviseur in dienst van KSV Hessen Kassel.

De man met de fabelachtige traptechniek, steekt het dat hij in Duitsland nooit als trainer is gewaardeerd. Een Schalke 04 talent zei daarover niet lang geleden: Deutscher Meister wird der FC Schalke ohnehin erst, wenn er von einem Schalker trainiert wird. Egal von welchem…”. Daarmee doelend op ‘der Flankengott aus dem Kohlenpott’, Rüdiger Abramczik.

Eén gedachte over “Rüdiger ‘Abi’ Abramczik (1956)

  1. Bij Rüdiger Abramczik denk ik onmiddellijk aan zijn razendsnelle doelpunt (in de 3e minuut) tegen Nederland op het WK in Argentinië 1978. Een aanvulling op dit artikel is de vermelding van Rüdigers jongere broer Volker. Schalke ’04 had destijds geld nodig en verkocht Rüdiger. Volker bleef nog even in dienst van Schalke ’04. Maar kwam in tegenstelling tot zijn oudere broer tot slechts 3 duels in de Bundesliga. In 1984 verhuisde hij naar MSV Duisburg en later naar Rot-Weiβ Essen (2. Bundesliga en Oberliga Nordrhein).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *