Tony Adams (1966)

Tony Alexander Adams (10 oktober 1966), bijgenaamd ‘Donkey’, is zeker een van de meest roemruchte figuren uit het Engelse voetbal. Zijn bijnaam dankt hij aan een aantal stommiteiten die hij tijdens zijn loopbaan beging. Speelde zijn hele carrière voor één club: Arsenal.

Tony Adams kwam als 14-jarige schooljongen in 1980 bij Arsenal terecht en maakte drie jaar later maakte zijn debuut in The Premier League tegen Sunderland. Hij groeide al snel uit tot een van de beste spelers en op 21-jarige leeftijd werd hij aanvoerder van The Gunners. Hij zou dat veertien jaar lang blijven.

In 1988 maakte Adams deel uit van de Engelse ploeg die afreisde naar het EK in Duitsland. Een succes werd het niet. De Engelsen verloren al hun drie voorronde wedstrijden en Adams werd als leider van de defensie als zondebok gezien. Vooral het cruciale treffen in Düsseldorf tegen Nederland, waarin zijn directe tegenstander Marco van Basten drie maal scoorde, kwam Adams bij terugkomst in Engeland duur te staan. ‘Toen begon de donkey business’, zo verklaarde hij jaren laten aan The Independent.

Overal waar Adams met Arsenal speelde, zaten supporters van de tegenpartij met ezelsoren aan het hoofd op de tribune en werd hij luidkeels begroet met iieee-aaah, iieee-aaah. Die geluiden werden dat seizoen alleen maar heftiger toen hij in een wedstrijd tegen Manchester United beide goals maakte. Eentje in het doel van de Mancunians en eentje in het eigen doel.

Een foutje zou je denken, kan gebeuren, maar Adams maakte meer fouten. Vooral in zijn privéleven. Hij was regelmatig betrokken bij vechtpartijen in kroegen en in mei 1990 drukte hij zijn Ford Sierra in een muur in de plaats Raleigh. Agenten roken drank en na de blaastest bleek Tony veel teveel alcohol in zijn bloed te hebben. Het kostte hem drie maanden cel, maar wie verwacht had dat hij zijn leven zou beteren kwam bedrogen uit. Adams bleef de jaren daarop de pers halen. Zo speelde hij in beschonken toestand een wedstrijd voor Arsenal, viel hij van een trap wat hem 29 hechtingen in zijn hoofd opleverde, spoot brandblussers leeg in een hotel en vuurde samen met ploeggenoot Ray Parlour een ‘flare gun’ (een pistool met lichtpatronen) af in een toilet van een fast food restaurant waar hij werd lastiggevallen door supporters.

In 1996 kwam eindelijk het hoge woord van zijn alcoholverslaving eruit bij Adams. Hij bleek als sinds de jaren tachtig verslaafd te zijn aan het geestrijke vocht. The Donkey ging in therapie en in 1998 verscheen zijn autobiografie ‘Addicted’. Twee jaar later richtte hij de Sporting Change Clinic op met als doel om de gevaren van verslaving onder de aandacht te brengen.

Mede door de komst van Arsène Wenger naar Arsenal ging het sportief weer bergop met Tony. Wengerde hamerde op een gezonde leefstijl en diëten. Iets waar Tony zijn voordeel mee deed en waarmee hij zijn loopbaan met zeker een aantal jaren verlengde. Na 22 seizoenen, 668 inzetten bij Arsenal, veertien jaar aanvoerderschap en 66 caps in de nationale ploeg vond Adams het welletjes en hing hij zijn kicksen in 2002 aan de wilgen. Hij speelde een afscheidswedstrijd tegen Celtic en stortte een deel van de opbrengst, zo’n 50.000 pond in zijn eigen stichting.

Na zijn actieve carrière probeerde hij zijn geluk als trainer. Hij liep in 2005 stage bij Feyenoord en in 2006 werd hij toegevoegd aan de trainersstaf van FC Utrecht. Twee weken later nam hij daar alweer afscheid omdat zijn vriendin hoogzwanger was. Later probeerde hij het nog zonder geluk bij Portsmouth en in Azerbeidzjan.

In 2008 werd Adams door supporters verkozen tot nummer drie op de eeuwige lijst van Greatest Gunners en kreeg hij een standbeeld voor het Emirates Stadium in London. Een stille getuige van een luidruchtig leven.


 

 

 

 

 

 

 

 

You can leave a response, or trackback from your own site.

Leave a Reply

Powered by WordPress