Dries Boussatta (1972)

Driss ‘Dries’ Boussatta (Amsterdam, 23-12-1972) was een snelle, technische en creatieve rechtsbuiten die in Nederland, Engeland en de Verenigde Arabische Emiraten speelde en de eerste Marokkaan in het Nederlands elftal was.

Zijn voetbaljeugd brengt Dries Boussatta achtereenvolgens door bij HFC Haarlem, FC Volendam en Ajax, waar hij in 1991 zijn eerste contract tekent. Voor het eerste elftal van de Amsterdammers zal hij echter nooit spelen. In 1991-1992 wordt hij uitgeleend aan de Witte Leeuwen uit Velsen, waar hij ervaring opdoet bij onder andere Jan Olde Riekerink, Roël Liefden, Erik Regtop, Ronald Hoop en goalgetter Sander Oostrom. Boussatta speelt uiteindelijk twee wedstrijden voor Telstar. Hij voetbalt vervolgens nog twee seizoenen bij Ajax, maar blijft in het tweede elftal steken.

FC Haarlem
In de zomer van 1994 vertrekt Boussatta met drie andere Ajacieden – Ali Fattouchi, Hans van der Haar en Donny Huysen – naar het financieel geplaagde FC Haarlem van trainer Hans van Doorneveld. Ondanks de 22 goals van topschutter ‘Maradonny’ Huysen eindigt het jonge team op een teleurstellende zestiende plaats. Boussatta, die door zijn vele fraaie acties als aanwinst voor de eerste divisie wordt beschouwd, scoort vier keer in 23 wedstrijden.

FC Utrecht
Boussatta verdient met zijn dartele spel een transfer naar FC Utrecht. Het eerste seizoen onder Simon Kistemaker, die in de winterstop vervangen wordt door Nol de Ruiter en later Ronald Spelbos, verloopt alles behalve florissant. Utrecht eindigt als vijftiende en weet, met dank aan een late goal van Hans Visser tegen FC Twente, ternauwernood de nacompetitie te ontlopen. In 1996/1997, het eerste seizoen waarin het Bosman-arrest actief wordt, wordt het budget met vier miljoen gulden verhoogd en worden onder andere Michael Mols, Gerald Vanenburg en Rob Witschge toegevoegd aan de selectie. Het levert niet veel meer op dan een teleurstellende twaalfde plaats in de eindranglijst. Boussatta speelt als rechtshalf 28 wedstrijden en weet twee keer te scoren.

Het derde seizoen van Boussatta begint dramatisch. Ondanks de komst van Mitchell van der Gaag en Harry Decheiver verliest Utrecht liefst zeven van de eerste elf wedstrijden, waaronder met 3-1 van Noordwijk in de beker en thuis met 1-7 van Ajax. Eind oktober dient Ronald Spelbos zijn ontslag in. Hoofd-scouting Nol de Ruiter is zijn tijdelijke vervanger, totdat Mark Wotte in januari aangesteld wordt als hoofdtrainer. Het botert echter niet zo tussen de technische staf, directeur technische zaken Hans van Breukelen en Dries Boussatta. En terwijl hij herstelt van een operatie aan zijn rechterschouder, toont AZ belangstelling.

AZ
In de zomer van 1998 verlost AZ Dries Boussatta van FC Utrecht. Trainer Willem van Hanegem heeft aanvankelijk zijn twijfels, maar kan al gauw niet om het duidelijke talent van de Amsterdammer heen. In Alkmaar krijgt Boussatta een meer aanvallende rol dan in de Domstad en zo groeit hij in zijn eerste twee seizoenen, ondanks de bekende en niet altijd even vriendelijke spreekkoren van supporters van de tegenstander, uit tot assistkoning van AZ.

Oranje én Marokko
Aangezien een uitnodiging van zijn tweede vaderland tot zijn teleurstelling uitblijft, aanvaart hij een invitatie van bondscoach Frank Rijkaard om zijn kwaliteiten te laten zien op de verzwakte rechtervleugel van Oranje.  Boussatta speelt uiteindelijk drie vriendschappelijke interlands, waaronder nota bene tegen Marokko. Tijdens die wedstrijd wordt hij continu uitgefloten door de Marokkaanse fans, die het hem niet in dank afnemen dat hij voor Nederland heeft gekozen. Toch zal hij later, als blijkt dat hij geen blijvertje voor Oranje is – en voor Oranje alleen vriendschappelijke interlands gespeeld heeft – nog vier interlands voor Marokko spelen.

Een niet zo frisse wind in Alkmaar
Inmiddels is het hommeles bij AZ. Gerard van de Lem, de vervanger van Van Hanegem, stapt in december 2000 op, als de zesde thuisnederlaag op rij geïncasseerd wordt. Voorzitter Dirk Scheringa heeft al eerder de eerste zuchten van een ‘frisse wind’ laten merken door het vertrek van twaalf spelers aan te kondigen. In april 2001 staat de jonge, ambitieuze Henk van Stee aan het roer. Als blijkt dat die nieuwe koers zo ongeveer inhoudt dat alle Marokkanen op de bank belanden, stapt Boussatta naar de voorzitter om een transfervrij vertrek te forceren.

In een interview met Robert Vuijsje in de Volkskrant vertelt hij het zo: ‘De eerste wedstrijd onder Van Stee zat ik op de bank, ik keek naast me: Urvin Lee, Ali El Khattabi en Karim El Hadrioui, allemaal spelers die tot dan nooit reserve stonden. Een paar maanden later ben ik naar het bestuur gestapt en heb ik gezegd: binnen een week wil ik op papier dat ik transfervrij weg mag, anders stap ik naar de pers over jullie snode plannen met buitenlanders. Een week later was ik weg. ‘

Hij speelt nog een seizoen voor Excelsior, een handvol wedstrijden bij Sheffield United en een maand bij Al Sha’ab in de Verenigde Arabische Emiraten. En dan is het tijd voor koffie.

Koffie
Na zijn voetballoopbaan blijkt Boussatta een echte ondernemer. Hij start onder andere een sportschool, een spa, een steakhouse en een schoonheidssalon. Met koffieketen Buongiorno heeft hij zelfs een aantal filialen in Amsterdam-West, de buurt waar hij is opgegroeid.

Ook is hij zaakwaarnemer, begeleidt hij Marokkaanse voetballers (en hun ouders) en verschijnt hij regelmatig in de media om zijn mening te laten horen in de ‘Marokkanendiscussie’.

>> In deze reportage van FOX Sports blikt Boussatta terug op zijn voetbalcarrière

Dit artikel is geschreven door onze gastschrijver Sebas Meijwes.

(Foto – ANP)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *